Ook in Aglou Plage is het best druk. Dan zijn we Tiznit al voorbij. Dat laten we deze keer links liggen.
Het weer blijft prachtig dus besluiten we om zo snel mogelijk wild te gaan staan. Sidi Boufdail is ons doel. De vissers, en de spanning van het wel of niet mogen blijven staan, maken het hier aantrekkelijk.
Als we arriveren staan er zo'n vijftien campers. Meest Fransen. De sfeer is amicaal. We hebben meteen aanspraak. De camperplek is voor de ingang van het vissersdorpje. De overheid heeft hier wat gebouwtjes en een visafslag neer gezet. De vissers echter zijn gewoon in hun grotwoningen gebleven. De overheids huisjes staan leeg...
De visafslag is wel in gebruik. Als 's middags de sloepjes een voor een binnen varen, wordt het daar een drukte van jewelste. Dat binnen varen is een belevenis. De zee is wel niet zo ruw als vorig jaar, maar er staat toch een flinke golfslag. Dit vereist zeemanskunst. Gelukkig is er geen Italiaanse Kapitein bij.....
Om zes uur is het gedaan bij de afslag. Ook Abdellah heeft ingekocht. We staan met meerdere te dringen in zijn (grot) winkeltje. Krabben, garnalen, zeewolf en andere monsters liggen op kopers te wachten. De meeste bakken zijn echter gevuld met Poulpe. Dat ziet er ook uit als poulp. Ene glibberige massa, met hier en daar een oog. Een soort inkvis, met acht armen. Of hebben ze dat allemaal?
Onze Franse buurvrouw weet een recept met knoflook, prei en veel boter. Maar je kunt ze ook frituren zegt Abdellah. We komen een prijs overeen voor twee van die glibbers. Inclusief schoonmaken. Een uur geleden zwommen (zwemmen of drijven die beesten??) ze nog in het oceaan water. Dat blijkt als ze worden gevild. Een en al stuiptrekking.... Greta draait haar hoofd af.
De volgende dag ga ik in de weer met bloem en bier om een beslagje te maken. Dan het witte deel van de poulpe snijden in ringen. Door het beslag en dan in de pan met hete olie. Ze liggen heerlijk te sputteren (lees spetteren). Net als ik een proefje uit de pan wil halen, spettert het zo dat ik van schrik het mijn toegedicht hapje laat vallen in het zand.
Als laatste liggen nog het hoofd en de tentakels te wachten. Mag je allemaal hebben zegt Greta genereus. Twee paar ogen staren haar aan, voor dat ze in de olie verschroeien. Gek genoeg vind ik dit het lekkerste deel.Ben ik nou een smulpaap of een viezerik?
Volgens Greta eet ik alles wat los en vast zit.
Iedereenheeft nu zijn visje op en ligt in de zon. De ijverigste zijn al aan het kuisen. Langzaam verdwijnt de geur van gebakken vis van de camperplek. Zelfs de katten nemen de kuierlatten. Een Fransmanhaalt zijn accordeon te voorschijn.
En bij het licht van de ondergaande zon verdwijnt er weer een prachtige dag in Sidi Bou.
Al vanaf onze start net na de Kerst komt de crisis in ieder
gesprek naar voren. Iedereen heeft er schijnbaar mee te maken. Gaan jullie naar
Marokko? Nou, daar is het helemaal mis. Je zult er veel minder campers aan
treffen. Ja, we zien onderweg inderdaad minder campers. Ook onderweg in Marokko.Maar de op de overnachtings-plaatsen die we
aandoen zijn er toch weer genoeg.
Eenmaal in Agadir is het weer het bekende beeld. Een Autostrada
van campers. Steeds meer camperaars gaan
zo snel mogelijk naar Agadir om daar flink wat weken/maanden in de zon te
zitten. Dus is de camping complet. We zien dan ook langs de kust veel wild
camperraars. Maar mag je daar ook overnachten...?
Wij zijn al eens eerder weg
gestuurd.
Dus kiezen we voor de camping, waar we in de wachtkamer
worden gezet. Met nog veel meer campers. De toeloop is enorm. Weer staan we kop
aan kont. Maar nu duur betaald. Gelukkig hebben we Ab en Bea gesproken. Fijn om
weer bij te praten. Ook zien we veel overwinteraars van vorige jaren.
Na drie
nachten zijn we het zat. We voelen ons gevangen en gaan weer op weg.
Dan is er bericht uit Frankrijk. Hoe staat het met de
verkoop? Zowel de makelaar als de eigenaar van ons nieuwe huis spreken hun
ongerustheid uit. Een volgend mailtje brengt uitkomst. De kopers kunnen
uiteindelijk toch geen hypotheek krijgen. Heel vervelend voor iedereen. De
trein is tot stilstandgekomen...
We geven de makelaar opdracht ons huis in de verkoop te
houden, en prijzen ons gelukkig dat we toch op reis zijn gegaan.
De laatste keer dat ik met veertig man op een slaapzaal lag, is effe geleden. Dat was '67-2, Koning Willem III Kazerne in Amersfoort. Maar nu, hier in Essaouira staan we kop aan kont. Dus moeten we de snurk machine op een lager pitje zetten. De buurman doet dat overigens niet...
Maar de stad maakt weer een hoop goed. het blijft een van onze lievelingsplaatsen. Aperitief bij het meisje aan de haven. Vers geperst sinaasappelsap, dat wel. Als lunch, lekkere Rougets van de houtskoolgrill. Nog gauw even een citroen halen. En dan, smikkelen, zo van de graat. Aan het tafeltje naast ons is een man een salade aan het maken. Tomaat, paprika, olijven, ui etc., zo vers van de markt. Voor de koffie strijken we neer op ons favoriete terrasje, met uitzicht op de oceaan. Voor mij een espresso en voor Greta een nous-nous. Een verse sigaar er bij, en genieten maar.
Bij Séverine en Patrice (Camping Esprit Nature) doen we de was. De onverharde weg, drie en een halve kilometer, is gelukkig verbeterd. Meteen de gelegenheid om de camper eens goed te inspecteren. En wat blijkt, de tandeloze weg heeft de vuilwater tank geraakt. Niet door en door, maar de kunststof is aardig beschadigd. Nou, dat wordt een bezoekje aan de kunststof boer in Agadir. Want er zijn veel campers met schade. En aangezien de meeste campers van plastic (lees kunststof) zijn, is er daar ook handel in. En ze doen het handig en vakkundig!
Op naar Agadir dus. Wellicht treffen we weer bekenden op camping Atlantica Beach Immourane.
Onze camper heeft veel bekijks. Op een ochtend worden we wakker en staat zijn broer naast ons. Ook een Hymer B678. Maar wel met 80,90, en 100 stickers. Dus een Poids Lourds. En drie liter motor, vertelt Monsieur trots. Bovendien een grotere velgmaat. Geen problemen met zijn zwaremotor die achter in de garage staat.
Zo zie je er steeds meer. Wij tobben met de begrenzing van 3,5 ton. En dus het geringe laadvermogen. Enfin, je kan niet alles hebben.
We verlaten camping International in El Jadida. Via de kustweg willen we naar Siria Lagima aan het strand. Maar we komen niet ver. Verderop staan allemaal voertuigen op de weg en een agent gebaard ons te stoppen. Groot ongeluk, 15 voertuigen bij betrokken. U moet omdraaien.
Voor ons is reeds een camper met aanhanger, formaat boedelbak, aan het draaien.
Bij de eerste afslag die we tegen komen kunnen we rechtsaf volgens de kaart om op de N10 te komen. De boedelbak voor ons twijfelt. Raampjes open voor overleg. We besluiten het er op te wagen.
Maar het is weer zo'n weg waar ooit asfalt heeft gelegen. Nu is het afgebrokkeld met scherpe randen en diepe kuilen. Gelukkig geeft boedelbak het tempo aan. Als hij remt weten wij dat er weer een lastig stuk aan komt.
Terwijl wij die tandeloze weg afrijden, vergelijk ik de weg met ons leven. Ook vol met hobbels en rafelige randen. Maar we bereiken ook nu weer ons doel. En het blijft rustig in de cabine...
's Avonds is de stemming weer anders. Ik heb zo een zakje voor de container, zegt Greta. Mooi, dan rook ik een sigaartje, en pak het zakje op wat bij de deur staat. Later blijkt dat ik de sla heb weggegooid!
Die stond klaar om buiten in het groente vak te worden opgeborgen......
Wat is toch de aantrekkings kracht van Marokko? Iedere
keer hoor je mensen die roepen, ik heb het nu wel gezien hier. Vervolgens
ontmoet je ze toch weer in Marokko. Trouwens wij hebben ook wel gezegd. Maar
vervolgens zitten we ook weer hier. Als excuus voeren we aan dat we geen tijd
hebben gehad om wat anders te plannen...
Dus lopen we tegen Gerrit, Anneke, Jelle en zo voort aan,
Een feest der herkenning en volop nieuwe verhalen en ervaringen. Uitwisselen
van nieuwe camperplekken met de kaarten her en der verspreid op de grond. Vooral
Gerrit mag graag van zijn ervaringen vertellen. Begin november zijn zij al
vertrokken naar het zuiden. Zo,n club Hollanders die praten en drinken en
plezier hebben, Fransen kijken er altijd een beetje schuins naar...En
Gezelligheid kent immers geen tijd!
Het is oppassen geblazenhier. De zon is heet, maar gaat hij schuil achter de bomen, dan daalt de
temperatuur meteen dramatisch. Korte broek en hemdje verruilen voor lange broek
en trui is dan noodzakelijk. Marokkanen pakken het anders aan, die lopen de
hele dag goed ingepakt. Geen risico op een verkoudheid. Toch loopt iedereen
hier te hoesten en te proesten.
In Caceres kunnen we al in het zonnetje zitten. Jammer,
maar er is hier geen groot vuurwerk. Dan maar luisteren naar de knallen van de
jeugd. En naar Youp natuurlijk. ook dat was weer knallen.
Nieuwjaarsdag naar Algeciras, waar onze vertrouwde agent
gewoon zijn tickets zit te verkopen. Een fles Sidra en een kleffe cake rijker,
kunnen we met onze tickets morgen ochtend over naar Afrika.
Eerst maar eens ons jaarlijkse uitje naar de Mc Donalds.
Wat kun je toch genieten van "verboden"dingen..... Op de coke zit een
prijsvraag, maar in het Spaans. Ons Spaans is een beetje roestig. Daar helpt
zelfs de cola niet aan. We zien weer allerlei "bekenden" van andere
jaren Marokko. Fransen, dat wel. Nederlanders zijn in geen velden of wegen te
bekennen. Laten ze het dit jaar afweten? Tot we een mailtje van Ab en Bea
krijgen. Zitten al ergens in Marokko. Leuk om ze weer in dat ergens te
ontmoeten.
De camper heeft moeite met de oprit van de boot. We
liggen achter wat laag bij de grond. Bij het voorzichtig oprijden schaven we wat
vuil van het chassis. Je moet ook
welvaart houden om boven te komen. Aan
de overkant gekomen "vergeten" we even dat de klok een uur terug
moet. Op het kleine stukje Ceuta vinden we een plekje voor de lunch. Iedereen
reest ons voorbij op weg naar de grens met Marokko. Als wij daar aan komen is
iedereen al geholpen en zijn we binnen een kwartier aan de Marokkaanse kant van
de grens. Dat is snel!
Het Franse stel waar we al drie stops mee gedeeld hebben,
gaan naar Larache. Een pleisterplaats van de boot firma, met gratis water en
wc. Doen we dus ook maar. Alleen het gratis is er af. Blijkt dat we niet met de
juiste boot firma, lees Commarov, gevaren hebben. Nu moet er 50Dirham betaald
worden! Waarvoor? Stroom is er niet, de WC is nog meer vervallen en naar de
stad kan alleen met een taxi. Laatste keer dus.
Naharen wassen
willen we het met de föhn drogen. Kan niet zegt Greta, er is geen 220volt. Oh,
nou dan gebruiken de omvormer wel, zeg ik. Resultaat is dat de zekeringen er
uit vliegen, de TV stopt, de schotel klapt neer en het licht is uit. Dat werkt
dus niet Pietertje.
Je blijft bij leren, zelfs al kom je voor de vijfde keer,
en dus niet de vierde zoals ik eerder schreef, in de Maghreb.
De reis naar het zuiden verloopt voorspoedig. Eerste nacht zoals gebruikelijk doorgebracht in La Suze sur Sarthe. Met ochtend vorst op de voorruit. De N10 volgend belanden we de volgende dag inBagnes Saint Radegonde. Mooie naam, Intermarché voor de deur en de plek voorzien van gratis stroom en water. Weer een bevroren ruit en ruzie met Bram TomTom. Die wil ons over een soort van fietspad sturen. De laatste stop in Frankrijk gaat weer naar Capbreton. Uitwaaien aan de Océan. Met een lekkere temperatuur van 11 graden. Hier zie je dat je niet de enige zwerver bent. We staan met z'n vijfentwintigen....
's Avonds doen we ons te goed aan oesters en garnalen en een fles cremant de Bourgogne. We vieren ons vierenveertig jarig huwelijk!
De volgende dag door naar Spanje. Overnachten in Medina del Campo. Bij een Galp pleisterplaats.
Morgen willen we bijtijds in Caceres zijn om daarde overgang van 2011 naar 2012 mee te maken.
Op de ochtend van ons vertrek zijn we afscheid wezen nemen bij onze Engelse vrienden en de Franse buurtjes. Die zijn allemaal nog in de Kerstsfeer met veel versiering en een mooi gedekte tafel. Wij laten een wat kalig huis achter en nemen de gezelligheid mee in de camper. Het zou mooi zijn als bij thuiskomst ons huiske verkocht is....
Greta zit te breien en laat een steek vallen, wat mij weer een kop voor een stukje oplevert.
Op de achtergrond speelt Cuby op nr. 306. De Top 2000 natuurlijk. Hoe huiselijk kan het zijn in een camper?
Wie verkoop er nu nog zijn huis binnen vierentwintig uur?
Je begrijpt het al, wij dus ook niet. Hoewel de (aspirant) kopers nog wel in de race zijn.
Maar kom maar eens om een hypotheek. Ook hier in Frankrijk valt dat niet mee.
Het wachten beu, zijn we toch maar een trip naar Marokko aan het plannen.
Dinsdag de 27e december willen we vertrekken.
Maar jullie hadden toch al een ander huis gekocht? Ja, het voorlopig koopcontract is getekend.
De datum waarop dit verloopt is afgelopen donderdag geweest. Tot ons geluk wil de verkoper het nog aanhouden voor ons. Ja, hij zal ook geen andere keus hebben.
Daar zitten we dan, tussen de verhuisdozen. Het is hier half Kerst en half een warboel.
Nu we de camper gaan inrichten zoeken we ons gek naar spullen die al in een doos zitten.
En dan mijn werkschuur, voortvarend alle schroefjes en gereedschap ingepakt. Waar ik eerst blindelings een hamer kon pakken, grijp ik nu mis.
Er wordt gebeld. George, de kantonnier van de gemeente is aan de deur. Met een Kerstpakket!
Wat een verrassing. Iedere inwoner van Eps die 65 jaar of ouder is, krijgt zo,n pakket. Leuk.
Met St. Nicolaas zijn wij naar het schooltje getogen om de kindertjes te verrassen met wat snoepgoed en een bedrag aan kleingeld voor de school. Wij worden weer verrast met een mooie kaart van de school kindertjes.
Ach, het is de tijd voor goede doelen niet waar? Terwijl ik dit stukje tik, zie ik alle Nederlanders warm lopen voor Serious Request in Leiden.
Dus, als jullie onze avonturen in Marokko weer willen volgen, kijk dan op deze blog.
Helaas kan er op de blog zelf niet gereageerd worden. Maar een mailtje sturen kan altijd.
Het gevaar bestaat dat dit een hele lange Blog gaat worden.
Geen wonder als je verhaal in 1900 begint. Nee, dat doen we niet. Ik ga verder waar ik op dinsdag 11 oktober was gebleven. Weer thuis na een mooie reis naar Kroatië.
Deze blog zou dan weer gestart worden als we half november naar Marokko zouden gaan.
Maar ik tik de blog gewoon thuis. Want er is zoveel gebeurt, dat Marokko in de ijskast is gezet (voorlopig). Laat ik maar gewoon bij het begin beginnen.
Zoals gezegd, willen we ons Franse huis te koop zetten. We hebben ook al iets anders op het oog. Kamers beneden en weinig of geen tuin, maar wel met ruimte voor de camper.
Echter, ons vervoegend bij de makelaar om het huis officieel te koop te zetten, blijkt het begeerde optrekje verkocht te zijn. Jammer, maar we hebben nog een maand voor Marokko, dus allez, verder zoeken.
De volgende dag belt al vroeg de makelaar. Er is een Frans stel dat graag ons huis zou willen zien. Een afspraak voor de volgende dag was gauw gemaakt. Bij de bezichtiging was ons al gauw duidelijk, dat madame de broek aan heeft. Monsieur vind alles prachtig, maar zij is kritisch en wil van alles weten. Lijkt me logisch, maar de onverschilligheid van de jonge man verbaast ons. Nou als dat maar wat gaat worden. Allebei een baan en een jong kindje. En dat met een bewerkelijk huis en een nog véél bewerkelijker tuin.....
De verbazing, nee lees de verwarring is compleet als madame zegt dat zij de makelaar zal bellen om het voorlopig koopcontact (compromis de vente heet dat hier in Frankrijk) op te laten stellen. Verkocht?? Ja, waarschijnlijk wel. Het compromis is getekend, de notaris ingelicht. Inmiddels hebben we diverse expertise mensen over de vloer gehad. Zo simpel als het in 1998 ging toen wij dit huis kochten is het niet meer. Alles wordt doorgelicht. Met als resultaat dat de jongelui na hun intrek nog het e.a. binnen vier jaar in orde moeten hebben.
Ik wist ook niet dat de door mij aangelegde stroomvoorziening enige mankementen vertoonde..... Of dat de singles in de schuur gevaar voor de gezondheid op leveren?? Onder ons mooi betegelde terras loopt de afvoerbuis van het hemelwater. Blijkt asbest in te zitten. Oeff!
En dan de drollenvanger. De septic tank is van 1995. Nieuwe regels bepalen o.a. dat er een filter geplaatst moet worden. Dus graafwerk en wat er misschien nog meer bij komt kijken.
Enfin, wij betalen de expertise, zij de kosten! Mooi is wel dat we in de energie klasse E vallen. Ondanks geen spouw muren en geen dubbel glas. Het is tenslotte een huis gebouwd in 1900. Dus 112 jaar oud!
Nieuwe uitdaging.
Je huis verkopen binnen vierentwintig uur brengt wel enige paniek met zich mee. Je spullen in een container zetten en dan alsnog naar Marokko? Die gedachte heeft even gespeeld, maar na enig denkwerk weer verworpen. Dan maar snel alle makelaars en het internet afstruinen voor een ander onderkomen. Wellicht iets huren? We besluiten om op onze marktdag meteen maar diverse opties te bekijken. Dan merk je al snel wat je nu aan comfort hebt en vooral wat een privacy. Maar ook wat Fransen vooral niet doen aan hun wooncomfort. Geen wonder dat ze vaak zeggen dat het zo "cosy" is bij ons. Er is wel een Frans woord voor, maar cosy dekt de lading beter vinden wij.
Als het laatste huis wat we op het oog hebben voor die dag alleen maar via een steile oprit is te bereiken, wat niet ideaal is voor de camper, draaien we de auto ontmoedigd weer richting huis. Laten we maar binnendoor gaan opper ik. Via de Planquette vallei, Fressin en Fruges terug. We komen door een mooi stukje vallei, waar een man bij een maison plein pied, het gras aan het maaien is. Het huis ziet er nog nieuw uit. Toch staat er een bord "a vendre".
We kijken elkaar aan en voelen het zelfde. Is dit.. misschien? Zal wel te duur zijn is de volgende gedachte. Toch kijk ik nog even naar de prachtige oprit waar wel drie campers kunnen staan. Maar er is ook wel erg veel gras...
De man kijkt inmiddels verwonderd naar ons, wat zoeken die mensen? Dit huis?
Thuis gaan we meteen aan het prakkidenken. En nog eens prakkidenken. Er is maar een oplossing: bellen voor een afspraak.
Dat hebben we gedaan en het resultaat is dat we nu (voor even) eigenaar zijn van twee huizen! Als alles gaat zo als het zou moeten, en dat weet je maar nooit hier in Frankrijk, wonen we in januari in de Planquette vallei.
Nee, nu volgt geen lyrische beschrijving van het nieuwe huis. Noch van de ervaringen met de makelaar, noch van het opruimen van (dierbare) spullen. Of van het aanbieden van tweehondervijftig boeken bij de Slegte in Gent. Ach, er is nog zoveel te vertellen. Ik bewaar het voor een volgende keer.
Veilig thuis, met de bekende rituelen en omstandigheden.
Veel wind en regen, het gras is groen en lang. Onkruid groeit overal en langs
de oprit is het groene doek, dat normaal aan het hek vastzit geheel losgewaaid.
Enfin, karweitjes te over.Maar gelukkig hangen er nog wat appels aan de boom....
Morgen eerst naar François en Ginette, onze buurtjes.
François wordt 90! Een felicitatie waard.
Als alle werk weer gedaan is en de gezondheid van Greta het
toestaat, willen we half november vertrekken voor onze overwinter reis naar
Marokko.
April 2012 zijn we dan weer thuis. Tussendoor hopen we ons
huis te kunnen verkopen. Maar de markt is niet gunstig. Hoewel, het nieuwe
huis, dat we op het oog hebben, zakt ook in prijs. Een beetje een dilemma, maar
C’est la vie…….
Korte broek en shirt is al weken het tenue. Zo ook vandaag vrijdag 7 oktober, als we opbreken in Starigrad om naar huis te gaan. Twee en twintig graden om zeven uur in de ochtend! Het kan slechter. De verwachting is dat het vandaag een graad of zeven en twintig gaat worden. Maar er komt verandering. We zien bij het wegrijden al donkere luchten richting het noorden. En dat is precies de kant die we opmoeten.
Na een half uur gaat het regenen. Al snel komt het met bakken uit de hemel. Bij Rijeka is het zo erg, dat het verkeer bijna stil staat. Onweer en windstoten doen de rest. Na stil staan en rustig aan, komen we bij de grens met Slovenië. Op naar Ljubliana, waar het zowaar gaat sneeuwen. Eerst natte sneeuw, maar al spoedig is de wereld wit! Dan komt de grootste verrassing, de temperatuur is gedaald tot maar drie graden!! Een koffiestop noodzaakt ons tot omkleden. Weg met de korte broek….
Het is een botsing van twee fronten. De langdurig warme lucht in de Balkan botst met een koufront. Maar zo extreem hebben wij het nog nooit mee gemaakt.
Overnachten doen we langs de snelweg. Sneeuw breekt wetten. De volgende dag is het beter en rijden we naar Ingolstadt, Duitsland. Na nog een stop in Dudelange, Luxemburg is het tijd voor Valenciennes. De camper dealer gaat de fietsen drager in de garage monteren.
Of die veel gebruikt gaat worden is een ander verhaal, omstandigheden kunnen snel veranderen. Blijf lezen……
De laatste camping ligt in Paklenica. Aan de voet van het Nationale Park Paklenica en het Velebit gebergte. Nog steeds zwem weer. Ook mogen we in het zwembad van het naastgelegen hotel Alan. Nu we een stuk Noordelijker zitten, merk je toch wel dat het seizoen aan het aflopen is. Veel is al dicht en ingepakt voor de “winter”. Hoewel het hier niet sneeuwt en niet vriest…..
Sommige campings zijn dan ook het hele jaar open. En vanwege het aanhoudende mooie weer, zijn er nu nog gasten genoeg.
Jammer dat we hier nu niet de het Nationale Park in gaan. Er zijn mooie canyons, waar ook de zeven Winnetou films zijn opgenomen. Dus geen ontmoeting met Winnetou, Old Shatterhand en Old Shurehand. Als troost bezoek ik het Winnetou museumpje.
Vrijdag hopen we in Slovenië te overnachten, daarna Duitsland en dan Luxemburg. Met nog een tussenstop bij de dealer in Valenciennes en we zijn weer thuis.
Jammer dat we hier nu niet de het Nationale Park in gaan. Er zijn mooie canyons, waar ook de zeven Winnetou films zijn opgenomen. Dus geen ontmoeting met Winnetou, Old Shatterhand en Old Shurehand. Als troost bezoek ik het Winnetou museumpje.
Split omschrijven kan in een zin. Het paleis van de laatste Keizer van het Romeinse rijk. 1700 jaar geleden besloot hij hier pensionado te worden. Een beschutte baai aan de Adriatische zee, met bergen op de achtergrond. Het water schijnt hier ook nog eens geneeskrachtig te zijn. Een ideale plek dus om oud te worden.
Het paleis is in de loop der eeuwen verworden tot een dicht bebouwde binnenstad. Wat meteen de grote van het paleis aangeeft. We treffen in de haven de Discovery. Een cruise schip met wel 1000 gasten. Gezamenlijk bezoeken we split. Uitleg in wel tien talen. Als Greta het slenteren moe is, laat ik haar achter op een bankje aan de haven. Ik wil graag nog meer zien en nog wat foto’s maken.
Onze “thuis” basis is camping Rozac, 2 km van Trogir. Net als Split staat Trogir hoog op de wereld erfgoed lijst van de Unesco. Is Split Romeins, Trogir is Grieks, en veel kleiner dan Split. Het ligt op een klein eilandje. Wij zitten op het eiland Ciovo, moeten een brug over naar Trogir en dan weer een brug en ben je op het vaste land. Vanaf de camping vaart ook een klein heen en weer bootje naar Trogir. Deze stad mag je eigenlijk niet missen. Je waart je hier werkelijk nog in de vroege middeleeuwen.
Uit eten gaan in een toeristenoord is altijd een risico. Dus kiezen we uit de wel 50 restaurants precies de verkeerde. We hadden wel een adres uit de BIB, maar daar zat niemand. En de binnenlokker stond ons ook niet aan. Enfin, volgende keer beter. De avond kon toch al niet meer stuk. Terwijl we op het bootje staan te wachten komenwe in gesprek met een jong Fins stel. Leuke openhartige mensen. Gaan ook naar Trogir voor een maaltijd, maar ze hebben al gekozen voor pasta. Op het allerlaatste moment komt er nog een jong stel aangerend.
Halverwege het boottochtje springt ineens de jongeman van het laatst aangekomen stel op zijn knieën, tovert een doosje met ring uit zijn broekzak en vraagt zijn meisje ten huwelijk. Hoe romantisch in een bootje onder het schijnsel van de maan. Iedereen valt eerst stil van verbazing, dan klinken er kreten van verrukking en goedkeuring. De zakdoek verschijnt onder menig vrouwen oog. Als de ring wordt aangeschoven barst er een spontaan applaus los. De schipper kijkt verwondert om, een applaus dat is hem nog nooit overkomen. Maar hem is al snel duidelijk dat het applaus hier een ander ten deel is gevallen.
Op de terugweg treffen we weer de Finnen. We wisselen onze eetervaringen uit. Het meisje, dat van Koreaanse afkomst is, is tipsy. Na één glas wijn. Wij Aziaten kunnen niet zo goed tegen alcohol verduidelijkt ze. Maar ze is wel schattig.
Trogir is ons eind station. Dubrovnik, Mostar, Zagreb en Slavonië bewaren we voor een andere keer. Door het nog steeds aanhoudende mooie weer blijven we langer op een plek hangen als in de planning was voor zien. Morgen, dinsdag de 4e oktober gaan we weer op de terugweg.
Oasa Mira is een terrassen camping. Je weet wel, je buurman boven kijkt in jouw bordje soep. Verder is het hier aangenaam. Een rustig FKK strandje. Maar het zebra effect is er nog steeds. We spreken Nederlanders die hier al acht jaar komen. Twee keer per jaar. En dan varen met de boot. Waarschijnlijk zitten hier veel “vaste” bewoners. Te zien aan de uitstalling van sommigen. Onze Duitse buurman heeft de boot mee, plus twee quads, het platte (bioscoop formaat) scherm en de nieuwste Apple computer. De BMW kan er niet meer bij. Staat noodgedwongen op een andere plek. Maar de buurman rijd er regelmatig mee heen en weer. Anders weet je immers niet dat het de zijne is….. Het geheel staat ’s avonds in de Led feestverlichting.
Wij fietsen maar wat rond. Sportief, niet waar…? En het water is dan héérlijk, na zo’n fietstochtje.
Als we weer verder gaan, doen we nog even laden en lossen, zoals we dat noemen. Met het innemen van vers water gaat het mis. Er staat zoveel druk op het water, dat het hulpstuk wat in de tank opening hangt er afschiet. Niet in de tank, helaas, maar ergens halverwege de toevoer. Een geluk is dat het water er wel nog langs stroomt. Dat heb ik nu weer……
Sibenik
Hoe zal ik de volgende plek eens omschrijven. Het gevaar bestaat dat het een vakantiefolder praatje wordt. Wat wil je als je met je camper aan de boulevard van de camping staat, met palmen, dennen en eekhoorntjes voor de deur. De bootjes varen vlak langs. Iedere plek is ruim bemeten en voorzien van stroom, water, afvoer en internet. Zo vanuit de camper de zee in en dan weer luieren op je eigen zonneterras. Vanuit een luie ooghoek beschouw ik de langslopende deerntjes. Als Greta het zat is, ik bedoel het in de zon liggen, gaan we zelf ook op pantoffelparade over de boulevard. Koffie terrasjes te kust en te keur. In het met zeewater gevulde zwembad spelen de kinderen, terwijl de ouders met de stoelen en al in het water zitten. Ik vergeet nog de winkels, restaurants, sauna en andere wellness. Kortom, camping Solaris.
In Sibenik zelf treffen we laatste medieval markt. We kennen het fenomeen vanuit Frankrijk, maar hier lopen ze nog meer in klederdracht. Dus ook weer de busladingen toeristen. Als ik de kathedraal wil fotograferen, staan ze bij tientallen in de weg.
Het is tijd voor een hapje. We besluiten de drukte voor gezien te houden en komen in een gelegenheid, waar zo te zien autochtonen zitten. Simpel, maar voortreffelijk voedsel. De prijs is de helft van wat we zagen in het centrum. Zo besparen we weer Kuna’s! Maar wat we nu precies gegeten hebben……..
Waar waren we ook alweer gebleven? Oh, juist bij de donkere lucht en het opkomende gerommel. De gehele nacht drukkend warm en veel flitsen aan de lucht. Maar verder niets aan de hand. Tot het krieken van de ochtend. Ik ben juist vroeg opgestaan om een ochtend duik te nemen, als ik zie dat de zee onstuimig is geworden. Waarschijnlijk is het onweer elders al tot uitbarsting gekomen en zal het hier meevallen. Nog niet gedacht of het gaat me daar plenzen! Het noodweer breekt in alle hevigheid los.
Na een spannend uurtje wordt het gelukkig weer wat beter. Geen schade op de camping zo te zien. Wel is de zee nog ruwer geworden. Van zwemmen komt niets. De kampeerders aan de rand van de zee kijken nog wel benauwd naar de aanrollende golven. Het word Tsunami valt. Maar geen paniek, jaarlijks terugkerende gasten gebruiken een ander woord BORA.
Bora is de drie dagen aanhoudende stormwind. Daarna wordt het weer rustiger. Nou, toch goed om te weten. Het is vandaag reisdag. We gaan naar Nin. Een heel klein eilandje voor de kust van Zadar. Maar we moeten eerst nog via een brug het eiland PAG af. Met het rijden is het net of je in een botswagen zit. Wat slingert de camper. En daar komen ineens de borden langs de weg ook nog bij die het voor caravans en campers verbieden om over de brug te gaan vanwege de Bora. Goede raad is duur. Terug en met de boot kost je haast een dag. Dan verschijnt er vanaf de brug een auto met, jawel, een caravanWel een dikke auto met een flinke caravan. Het is dan ook een Duitser. Kein problem, gebaart hij. We wagen het er maar op.
Langzaam rijdend en witte knokkels zorgen er voor dat we de overkant halen. Maar het was geen pretje. En de wind blijft inderdaad drie dagen waaien. Op de volgende camping gaan we een nacht vanzelf heen en weer. Alles binnenboord, niet slapen en maar hopen dat de zaak niet omwaait. Zo erg zijn de windvlagen soms.
Calamari
Het eiland Nin ligt in een lagune met zandstrand. Ooit was Nin het kerkelijk centrum van Dalmatië. Ook kwam de Koning van Dalmatiè en zijn gemalin graag naar dit eiland voor een korte vakantie. De koningin liet zich dan behandelen met de geneeskrachtige modder die je hier aantreft. Je krijgt er een mooie huid van naar het schijnt. Helaas, mijn gemalin krijg ik niet zo ver. Wel eten we hier een heerlijke vis maaltijd. Greta kiest voor een goudbrasem en ik voor calamari. Met drie van die beesten op mijn bord voel ik me de koning te rijk.
De volgende dag bekijken we de archeologische bezienswaardigheden van Nin. Waaronder de kleinste Kathedraal ter wereld. De Romeinen en Grieken hebben hier aardig wat sporen nagelaten.
Maar we willen verder. Zadar bezoeken en dan naar camping Oasa Mira (eiland van de vrede) in Drage.
Zadar is de tweede stad in Dalmatië. Historisch, met bussen toeristen. Ook de Jong Intratours spuwt zijn passagiers uit. Maar het is de moeite waard. Gezellig en overzichtelijk. Met aan de boulevard de befaamde waterorgels, die met iedere golfbeweging een ander deuntje spelen. En de zonsondergang is de mooiste ter wereld. Zeggen ze hier althans……
Hoogtepunten en dieptepunten kenmerken onze rit van Baska naar Novalja. Greta zit met Kuna’s klaar om de tolbrug te betalen die ons van het eiland KRK voert. Maar we kunnen er zo door. Je betaalt alleen als je het eiland op komt. In Crickvenica drinken we koffie langs de weg. Bij een Tomos fan. Zijn liefde voor de Tomos brommer ligt op het terras.
De weg wordt steeds bochtiger, We klimmen en dalen en hebben een prachtig zicht op kleine dorpjes geplakt tussen de zee en de rotsen. Kiezen we voor het eiland RAB of PAG?
In Novalja op het eiland PAG is een grote ACSI camping. Met bomen, gunstig om de ergste hitte uit de camper te houden. Afdalen naar de dorpjes bij de zee lijkt mij prachtig. Juist die kleine plekken zijn minder toeristisch. Maar mijn voornemen gaat niet door. Bij veel wegen naar beneden staat verboden voor campers. Te bochtig, te stijl….
Dus op naar de boot om op PAG te komen. De hitte zindert op de weg. Op de boot is het heerlijk toeven. Jammer dat het maar een kwartier duurt. Als we op de camping de vrije plekken opzoeken gaat het mis. Te warm, te moe, te veel bomen. Bij het indraaien op een plek zit een tak in de weg. Als Greta roept, is het al te laat. Gevolg, schade aan de camper.
Aauw, de eerste schade doet het meeste pijn. Waar eerst de zijkant mooi rond overgaat in het dak, is het nu enigszins vierkant geworden. Jammer.
Dan pakken ook in de lucht de donkere wolken zich samen. Het begint flink te rommelen. Zou het mooie weer nu over zijn…..?
Bij lange tijd warm tot zeer warm weer ga je een ander gedrag vertonen. Voorgenomen plannen verdampen als sneeuw voor de zon. Nu is sneeuw wel het laatste waar je hier aan denkt. Vannacht bleef het 27 graden in de camper. Er was aan het eind van de middag een fikse wind opgestoken. Maar die was zo warm dat het totaal geen verkoeling bracht.
Om zeven uur opstaan en nog even genieten van de ochtend koelte. Vandaag gaan we richting de 35 graden. Het is hier zelfs 40graden geweest zegt de campingbaas….. Ongewoon voor september.
Bij mij gaat het aanpassen aan de zon in fases. Greta is meteen in zwempak en horizontaal. Ik stel me nog wat voorzichtiger op. Maar na het zwemmen is het heerlijk om op te drogen en in een alles vergetende slaap te vallen. En dat ga je natuurlijk bezuren. Na twee dagen is Greta bruin en ik rood. Vervolgens zit ik dan weer als enige met kleren aan onder een parasol. Hier is niet tegen aan te smeren.
Greta is fanatiek aan het snorkelen geslagen. Ziet allerlei vissen en zee-egels. Maar brengt er niet één mee naar boven…. Jammer dat mijn baard en snor als water toevoer fungeren voor de duikbril. Zodra ik onderwater ben loopt dat kreng vol. Maar het snorkel setje wordt in ieder geval gebruikt.
De stranden zijn hier erg rotsig. Zonder waterschoenen is het niet te doen. Zelfs met waterschoenen aan loop ik als in een cursus van Emil Ratelband. Eenmaal in het water is het puur genieten. Wat een zaligheid die Adriatische zee.
We zijn nu op het uiterste puntje van het eiland KRK. Stara Baska bereik je door eerst met 12% te klimmen. Waarna je naar beneden stort tot zee niveau.Vreemd op deze (kleine) camping geen enkele Nederlander. Wel veel Italianen en Duitsers. Er heerst hier een beetje het Key West gevoel. Einde van de wereld. Verder kun je niet. En dat trekt toch een ander publiek. De campingbaas is zo uit Jesus Christ superstar gelopen.
Het FKK strand is naast het “gewone” strand. Er is een “sloppy joe” strandtentje met Tequila Sunrise en koel bier.
Trouwdag in 1945 van vader en moeder van Veelen. Zesenzestig
jaar geleden. Helaas hebben ze de vijftig jaar net niet gehaald. Deze gedachten
schieten door mijn hoofd als ik in de zon dit stukje tik. Gisteren stond alles nog
in het teken van nine eleven. Zelfs op vakantie ontkom je niet aan dit soort
gebeurtenissen.
Inmiddels hebben we een paar dagen Medveja achter de rug. We
zijn Istrië uit en zitten nu in de provincie Kvarner. Via Rijeka zijn we naar
het eiland Krk gereden. Greta was benauwd om over te moeten varen. Maar er is
nu een moderne (tol)brug. Alleen was de tolgaardster iets te bijdehand. Het is
lastig om snel de Kuna om te zetten in Euro’s. Ze maakte er handig gebruik van
door te weinig terug te geven.
Autocamp Medveja ligt bij Opatija, waar het toerisme al in
de negentiende eeuw is begonnen. Ook weer druk, maar minder als in Istrië. Het
halve maan strandje is bijna geheel in beslag genomen door “Hemingway”. Een
luxe uitspanning met hemelbedden, ligstoelen en ander relax attributen. En natuurlijk
met de voeten in het water. Vlak voor de camping. Wat wil een camperaar nog
meer.
In Krk staan we op autocamp Bor. Hier heeft de ACSI vorig
jaar haar 25 jarig bestaan gevierd. Ook nu voornamelijk ACSI Nederlanders. Wij zijn
ook in ACSI. Je mag in Kroatië niet vrij
staan. En om het betaalbaar te houden is de ACSI met € 15,- per nacht een goed
alternatief. Bovendien zijn de campings prima verzorgd. Maar met nog vier weken
voor de boeg zal er zich vast nog wel wat anders voordoen….
De weersvooruitzichten zijn onverminderd zonnig en warm.
Morgen 31 graden! Met dit weer komen we niet ver. Liever de voeten in het
water.
Zonder geluk vaart niemand wel. De volgende dag komt er meer ruimte zodat we de camper kunnen verzetten en we meer privacy hebben. Voor zover dat mogelijk is op een nog steeds stampvolle camping. Dat er veel grijze muizen zitten, oké. Jonge mensen met hele kleine kinderen of zonder, oké. Maar waarom zitten er hier nog hele families, ook Nederlandse, met kinderen die volgens ons al lang weer naar school moeten?
Na twee dagen hebben we onze draai een beetje gevonden. Het weer is onverminderd warm en het water van de Adriatische zee lekker. De temperatuur wel te verstaan, je moet het water niet inslikken. Allemachtig wat zout! De fietsen doen goed dienst. We ontdekken mooie stranden, bossen en veel wijn en olijfgaarden. Onder een boom zit een hele familie aan het middageten. Even pauze tijdens het plukken van de druiven. We proeven de witte druiven zo van de struik. Warm en vol sap. Ook flink zoet. Als we ’s avonds de witte streekwijn bestellen bij het eten, proeven we weer de druiven van die middag. De druivensoort en de daarvan gemaakte wijn hebben onuitspreekbare namen. Maar lekker is het wel.
Dit gaat waarschijnlijk een reis worden uit de folder. Met zon, zee, warmte en late terrasjes. De vioolspeler ontbreekt nog. Toch zoeken wij graag de stilte. Langs de rotskust zijn tal van plekken waar je ongestoord kunt zonnen en zwemmen. Zodra je de drukke (familie) stranden achter je hebt gelaten, kunnen de kleren helemaal uit. Iedereen, maar dan ook iedereen loopt hier in zijn blootje.
De gastvrijheid van de Kroaten verrast ons zeer. Een vriendelijk volk, wat zijn talen spreekt.
Of we nu in het Duits of Engels iets vragen, iedereen begrijpt het. Geen probleem zegt de juffrouw van het kleine supermarktje. Italiaans gaat ook nog wel, Nederlands versta ik, maar spreek ik niet.
Er is nikst triest aan Triëst. Deze Italiaanse stad bruist van het leven. Dat blijkt als we zijn geparkeerd aan het water. Maar hier is ook het uitgaans centrum van de stad. Tot diep in de nacht is het gezellig. En warm. Zodra we de Alpen en Dolomieten over achter ons hebben gelaten, stijgt de temperatuur fors. We zitten nu boven de dertig. En het blijft lekker hangen in de stad. Van slapen komt deze nacht niet veel. Greta probeert het, haar medicijnen werken gelukkig. Ik blijf in de cabine met de ramen open en laat het uitgaans leven in al zijn facetten aan mij voorbijgaan.
Wat mij opvalt is dat mannen er netjes gekleed bij lopen. In ieder geval allemaal een lange broek. Maar de dames hebben de meeste kledingstukken thuis gelaten. Ach, een lust voor het oog zullen we maar denken.
De andere ochtend vroeg beginnen we aan de sluiproute naar Kroatië.
Zaterdag 3 september 2011
We rijden van de kade van Triëst naar Muggia en dan richting Koper in Slovenië. Maar blijf zo dicht mogelijk aan de kust is het advies van de kelner gisterenavond. De Sloveense autoriteiten dwingen je naar de autoroute. Grote borden met Koper, maar allemaal autoroute. Na een vergissing van 200 meter autoroute, kunnen we er gelukkig af.
De sluiproute heeft kleine gele route bordjes, maar Koper staat er niet op. Zitten we goed? Aan de kust blijven dan maar. De weg is soms slecht en smal. Maar na Koper gevonden te hebben gaan we richting Dragonja. Dat is de grens met Kroatië. En nu komen er massa´s toeristen ons tegemoet. Een grote uittocht uit Kroatië. Bij de grens paspoorten omhoog. Maar ze kijken niet eens. Het is ons gelukt.
We zijn in Kroatië.
Als eerste willen we even inburgeren in Novigrad of te wel Citta Nova. Daar is een mooie ACSI camping aan het water zegt Greta. We krijgen nummer 485! Hmm, ik dacht dat iedereen naar huis was…..
Uiteindelijk wurmen we ons tussen een Duitse en een Oostenrijkse camper op een veld dat bezaaid is met campers en caravans. De genummerde plekken waren allemaal al vol! Grùss Gott. Als we eenmaal staan kunnen ze ons uitwringen. Wat een hitte. De toeschouwers zitten ook allemaal te puffen onder parasols en anderssoortige lappen.
Welkom in Kroatiè.
Dit is niet wat we zoeken. Enfin, voor twee dagen aanpassen en dan gauw weer verder.